Artikel 7:672 BW

De opzegtermijn

Van één tot vier maanden

De opzegtermijn bepaalt hoelang je nog loon krijgt en wanneer je WW start. Ook bij een vaststellingsovereenkomst blijft hij meetellen.

Wat is de opzegtermijn?

De opzegtermijn is de periode die tussen de opzegging en het daadwerkelijke einde van de arbeidsovereenkomst moet zitten. Hij geeft beide partijen tijd: jij om ander werk te zoeken, de werkgever om vervanging te regelen. De wettelijke termijnen staan in artikel 7:672 BW en lopen op met de duur van het dienstverband.

Bij een vaststellingsovereenkomst wordt niet opgezegd maar in onderling overleg beëindigd. Toch is de opzegtermijn juist dan belangrijk: het UWV gebruikt hem als maatstaf voor de fictieve opzegtermijn, en die bepaalt wanneer je WW begint.

Wettelijke opzegtermijn voor de werkgever

Duur dienstverbandOpzegtermijn werkgever
Korter dan 5 jaar1 maand
5 tot 10 jaar2 maanden
10 tot 15 jaar3 maanden
15 jaar of langer4 maanden
Werknemer (ongeacht dienstjaren)1 maand

De cao kan hiervan afwijken. Verkorting van de werkgeverstermijn kan alleen bij cao; verlenging van jouw eigen termijn kan alleen schriftelijk, tot maximaal zes maanden, en dan moet de werkgeverstermijn minstens het dubbele zijn.

Zo rekent het UWV bij een VSO

Startpunt: de ondertekening

De fictieve opzegtermijn loopt vanaf de datum waarop de vaststellingsovereenkomst is getekend, niet vanaf het gesprek waarin het aanbod werd gedaan.

Aftrek van één maand

Op de fictieve opzegtermijn mag één maand in mindering worden gebracht, omdat er bij een VSO geen procedure bij UWV of rechter nodig is. De termijn blijft altijd minimaal één maand.

Einde van de maand

Tenzij de cao anders bepaalt, eindigt de arbeidsovereenkomst tegen het einde van een kalendermaand. Een einddatum halverwege de maand levert vrijwel altijd discussie op.

Rekenvoorbeeld

Je bent acht jaar in dienst, dus de opzegtermijn van de werkgever is twee maanden. Je tekent de VSO op 12 september. De fictieve opzegtermijn loopt vanaf die datum; na aftrek van één maand blijft één maand over, gerekend tot het einde van de maand. Een einddatum van 31 oktober is dan veilig. Kies je 30 september, dan krijg je over oktober geen loon en geen WW.

Uitzonderingen om te kennen

Proeftijd

Tijdens een geldige proeftijd kan de arbeidsovereenkomst per direct worden beëindigd; er geldt dan geen opzegtermijn.

Ontslag op staande voet

Bij een terecht gegeven ontslag op staande voet eindigt het dienstverband onmiddellijk. De opzegtermijn speelt dan geen rol — maar je WW meestal ook niet.

Tijdelijk contract zonder tussentijds opzegbeding

Zonder tussentijds opzegbeding kan een contract voor bepaalde tijd in beginsel niet eenzijdig worden beëindigd. Het UWV rekent dan met de resterende looptijd, wat een fors WW-gat kan opleveren.

AOW-gerechtigde werknemers

Voor werknemers die de AOW-leeftijd hebben bereikt, geldt een opzegtermijn van één maand, ongeacht de duur van het dienstverband.

Faillissement

Is de werkgever failliet, dan geldt een opzegtermijn van maximaal zes weken. Het UWV neemt via de loongarantieregeling de betalingsverplichtingen over.

Veelgestelde vragen over de opzegtermijn

Hoelang is de wettelijke opzegtermijn?
Voor de werkgever loopt de opzegtermijn op met de duur van het dienstverband: één maand bij minder dan vijf jaar, twee maanden bij vijf tot tien jaar, drie maanden bij tien tot vijftien jaar en vier maanden bij vijftien jaar of langer (artikel 7:672 BW). Voor de werknemer geldt in beginsel altijd één maand, tenzij schriftelijk iets anders is afgesproken.
Geldt er een opzegtermijn bij een vaststellingsovereenkomst?
Formeel niet: bij een beëindiging met wederzijds goedvinden wordt niet opgezegd, dus kunnen partijen elke einddatum kiezen. Maar het UWV rekent wél met de zogeheten fictieve opzegtermijn: de periode die de werkgever had moeten aanhouden als hij regulier had opgezegd. Kies je een eerdere einddatum, dan begint je WW pas later.
Wanneer gaat de opzegtermijn in?
Bij een reguliere opzegging gaat de termijn in op de eerste dag van de maand volgend op de opzegging, en eindigt het dienstverband aan het einde van een maand — tenzij de cao of arbeidsovereenkomst iets anders bepaalt. Voor de fictieve opzegtermijn rekent het UWV vanaf de datum waarop de vaststellingsovereenkomst is ondertekend.
Mag de opzegtermijn in mijn contract langer zijn dan de wet?
Verlenging voor de werknemer mag, maar alleen schriftelijk en tot maximaal zes maanden. Wordt jouw opzegtermijn verlengd, dan moet die van de werkgever minstens twee keer zo lang zijn. Verkorten mag alleen bij cao. Controleer dus altijd zowel je arbeidsovereenkomst als de cao.
Mag de opzegtermijn worden ingekort in de VSO?
Partijen mogen elke einddatum afspreken, ook een kortere. Het risico ligt bij jou: over de periode tot het einde van de fictieve opzegtermijn krijg je geen WW. Wil de werkgever een snelle einddatum, vraag dan om compensatie ter grootte van het gemiste loon over die weken bovenop je vergoeding.
Telt de opzegtermijn mee voor mijn transitievergoeding?
Ja. De transitievergoeding wordt berekend over de volledige duur van het dienstverband tot en met de einddatum. Een latere einddatum betekent dus een langere diensttijd, meer salaris, meer pensioenopbouw en een iets hogere transitievergoeding — vaak een goed argument om niet in te stemmen met een vervroegde einddatum.

Bepaal de juiste einddatum

Reken de fictieve opzegtermijn na en kies een einddatum zonder gat in je inkomen.